H.H. ter Balkt

(1938-2015)

Een van de meest weerbarstige, eigenzinnige dichters van ons taalgebied die enerzijds de reputatie heeft ontoegankelijk te zijn, maar anderzijds met zijn gedichten niet alleen iets over de werkelijkheid wilde zeggen, maar ook de hoop had iets aan de wereld te verbeteren.

Vervaardigd 2005
Techniek Acryl op doek
Afmetingen 80 x 60 cm

H.H. ter Balkt

door Frits Woudstra (1956)

H.H. ter Balkt debuteerde in 1969 met de bundel Boerengedichten, ofwel Met de boerenbijl, bijeengelezen door zijn lintworm. 96 bladzijden verfomfaaid en bespat met spreuken, raadsels en verkrommingen; in het groen groen knollenland van de haas. Een natuurtalent, Nederlandsch Fabrikaat; Goedgekeurd door de Ver. van Huisvrouwen. Een manier om zich voor te stellen, want deze titel verraadt al veel van zowel de uitbundige, eigenzinnige stijl waarin hij schrijft als de manier waarop hij de landelijke thematiek uitwerkt. En een manier om zich te vermommen, want zijn vroegste bundels verschenen onder de naam Habakuk II de Balker.

Ter Balkt was solistisch en zocht het isolement, maar sloot zich niet af voor de wereld. Zijn werk is geëngageerd en hij schreef ook protestgedichten tegen de kerncentrales, tegen milieuvervuiling.

Kunst is geen spel. Poëzie is géén spel, zelfs geen kinderspel… Poëzie is een vlag op een modderschuit, een vrolijke vlag die wappert boven de woede.

‘Ik bezing het vertrapte,’ schreef hij. De Laaglandse hymnen I-III zijn daar een goed voorbeeld van. In 167 hymnen bezingt hij historische, alledaagse en verdoezelde gebeurtenissen uit de Nederlandse geschiedenis, zich verzettend tegen de tijdgeest. 

 

In het jaar dat Frits Woudstra dit portret van hem maakte, vertelde Ter Balkt in een kranteninterview over zijn bipolaire stoornis.