Hein de Bruin

1899-1947)
‘De dag in Friesland dat ik werd geboren, vermoed ik, had als kleur: blauw, wit met rood, en als geluid: de hese Sneker boot afwisselend met de gulle schippershoren’, aldus Hein de Bruin, de protestantse dichter die vooral bekend werd in eigen gereformeerde kring. Naast gedichten schreef hij proza en essays en vertaalde hij werk van Friese dichters, onder wie Fedde Schurer, en werk van Charles Dickens.
Vervaardigd 1942
Techniek Olieverf op doek
Afmetingen 94 x 74 cm

Hein de Bruin

door Henk Krijger (1914-1979)

‘Ik kwam [..] in de lente van 1935 herhaaldelijk een man tegen, in wie ik reeds bij de eerste aanblik de kunstschilder meende te herkennen. Geen ogenblik kwam het bij mij op dat hij ook wel dichter kon zijn’, schrijft schilder Henk Krijger in het artikel ‘Hij en ik’ over Hein de Bruin.

Het is een gemeenschappelijke kennis die de twee aan elkaar voorstelt. De Bruin werkt aan zijn tweede roman en wil graag van gedachten wisselen met een kunstschilder over het probleem dat hij in die schildersroman aan de orde stelt. De omgang is nooit gepubliceerd, maar de twee raken goed bevriend. Avond aan avond zit De Bruin bij Krijger thuis, steevast op een soort self-made-stoel die Krijger voor een dubbeltje op een veiling had gekocht had. ‘Op die stoel heeft hij mij bij stukjes en beetjes de groeiende manuscripten zitten voorlezen’. Ongetwijfeld zullen ze het ook over hun geloof en de worsteling daarmee hebben gehad. ‘Zijn geloven was vechten’, wordt gezegd over De Bruin, in wiens werk strijd om zelfbevrijding en zelfverwezenlijking een belangrijk thema is.

Krijger, naast beeldend kunstenaar ook boekverzorger - bandontwerper, typograaf en illustrator-, illustreert diverse werken van De Bruin. ‘De wisselwerking die er tussen hem en mij bestond stimulerend en inspirerend, vooral in de oorlogsjaren, toen wij elkaar zeker driemaal per week spraken’. In 1942, het jaar dat dit portret gemaakt wordt, maken ze samen plannen voor Job, een herdichting naar het Bijbelboek door de Bruin met illustraties van Krijger. Het verschijnt in 1943. De herdruk zo'n tien jaar later maakt De Bruin helaas niet meer mee. De dichter, die aan depressies lijdt en een aantal zware persoonlijke crises doorstaat, maakt kort na een psychiatrische opname in 1947 een einde aan zijn leven, een dag voor de trouwdag van zijn oudste dochter.